Koemelkallergie
Een koemelkallergie is de meest voorkomende allergie bij baby’s. Van alle baby’s die geboren worden krijgt 2 tot 6% een koemelkallergie. Omdat het een allergie is, maakt het afweersysteem specifieke antistoffen aan tegen de eiwitten die in de melk voorkomen.
Lactose-intolerantie komt naar schatting voor bij 20% van de Belgische bevolking. Het zijn hoofdzakelijk volwassenen die hiermee te maken krijgen. Lactose-intolerantie is geen allergie dus hier speelt het afweersysteem dan ook geen rol. Mensen die niet tegen lactose kunnen, missen het enzym lactase in hun darmen.
De meeste mensen verwarren lactose-intolerantie met melkallergie, zodat ze het probleem op de verkeerde manier aanpakken. Het is dus belangrijk om deze aandoeningen te kunnen onderscheiden.
Voor meer informatie over lactose-intolerantie verwijzen wij naar onze folder ‘lactose-intolerantie’.
KOEMELKALLERGIE
Bij een koemelkallergie beginnen de klachten in de eerste 3 maanden. Koemelkallergie kan net als andere vormen van voedselallergie verschillende klachten veroorzaken. De darmen van een baby zijn nog niet volgroeid waardoor ze stukjes koemelkeiwit doorlaten. Deze niet volledig verteerde eiwitten komen in de bloedbaan terecht. Bij kinderen met een koemelkallergie reageert het immuunsysteem daarop met antistoffen die de allergische klachten veroorzaken. Erfelijkheid stelt hierin een belangrijke rol.
De symptomen van een koemelkallergie:
Darmkrampen (vaak met veel huilen).
Huidklachten zoals eczeem (rode plekken op de wangen en in de huidplooien), jeuk, uitslag rond de mond, netelroos (galbulten of urticaria) en angio-oedeem (zwelling van lippen of oogleden door vochtophoping)
Diarree of verstopping
Bloedverlies tijdens de ontlasting
Spugen (melk teruggeven)
Problemen met de luchtwegen (benauwdheid)
Loopneus, niesbuien (helder neusvocht)
Jeukende, tranende ogen
Jeukende oren
Groeiachterstand
Voedsel weigeren, slecht drinken, lastig zijn
Een baby met koemelkallergie heeft meestal een combinatie van klachten. De klachten kunnen zich al uiten enkele minuten na het gebruik van voeding met koemelk, maar het kan ook 1 à 2 dagen duren voor de symptomen duidelijk worden. De aanwe-zigheid van klachten duidt niet altijd op een allergie maar kan ook het gevolg zijn van o.a. reflux.
BEHANDELING
Bij koemelkallergie is het belangrijk dat de koemelk-eiwitten uit de voeding worden weggelaten (eliminatie).
De beste voeding voor een baby is borstvoeding. In borstvoeding zitten afweerstoffen die de baby be-schermen tegen infecties. Een koemelkallergie zal minder vaak ontstaan bij baby’s die borstvoeding krijgen. Als je baby bij borstvoeding toch nog klachten heeft, kan je als moeder, best in overleg met een arts en een diëtist, een dieet volgen zonder koemelk-producten.
Bij flesvoeding zal je moeten overstappen van gewone flesvoeding naar hypo-allergene melk. In deze melk zijn de eiwitten opgesplitst zodat het lichaam ze niet meer als koemelkeiwitten herkent. Flesvoeding op basis van soja wordt afgeraden. De kans dat kinderen met een koemelkallergie in hun eerste levensjaar ook een soja-allergie ontwikkelen is groot. Het risico op het ontstaan van een soja-overgevoeligheid ligt rond de 5 tot 20% van de allergische kinderen en deze allergie kan levenslang blijven.
Zowel bij flesvoeding als bij borstvoeding wordt aangeraden de eerste zes maanden geen bijvoeding te geven. De darmpjes moeten eerst voldoende ontwikkelen. Wanneer men te vroeg begint met bijvoeding is de kans op het ontwikkelen van een voedselallergie veel groter.
DIAGNOSE
Soms zijn de symptomen van een koemelkallergie niet zo duidelijk en zijn verdere onderzoeken nodig. Wanneer er twijfel bestaat kan een huidtest of een bloedonderzoek (RAST-test) uitkomst bieden. Een eliminatie/provocatietest kan, indien nodig, de diagnose bevestigen. Huidtesten zijn niet geschikt voor kindjes met eczeem.
Bij een huidtest krijgt je kind enkele druppeltjes op de rug met het verdachte allergeen. In elk druppeltje wordt dan een klein prikje gegeven. Is je kind allergisch dan is er na een kwartier een groter rood bultje te zien. Deze test is niet altijd betrouwbaar voor een koemelkallergie.
Voor een RAST-test prikt men bloed. Dat bloed wordt in contact gebracht met het allergeen. Als het bloed specifieke antistoffen bevat die reageren op dat welbepaalde allergeen, dan treedt er een chemische reactie op.
Als de tests geen uitsluitsel geven gaat men over tot een eliminatie/provocatietest, wat de meest betrouwbare test is. Een eliminatie dient vier weken te duren om volledig te zijn. Men spreekt van een positieve eliminatie als de klachten binnen deze periode verdwijnen of verminderen. Na de eliminatie gaat men weer melkproducten geven, dit is de provocatie. Als de oorspronkelijke klachten zoals eczeem, diarree en krampen weer verschijnen, dan weet men vrijwel zeker dat de baby een koemelk-allergie heeft. Deze test wordt niet op eigen houtje gedaan maar steeds in samenspraak met de kinderarts.
ERFELIJKE AANLEG
Allergie, en dus ook koemelkallergie, is erfelijk. Kinderen met een erfelijke aanleg voor allergie hebben een grotere kans op het ontwikkelen van koemelkallergie dan andere kinderen. Het gaat hier om kinderen met minstens één van de ouders, een broertje of zusje met een allergische aandoening zoals hooikoorts, astma of eczeem. Koemelkallergie wordt meestal vastgesteld tijdens de eerste levensmaanden. Bij meer dan de helft van de kinderen verdwijnt de allergie rond de eerste verjaardag. De andere kinderen volgen in de daaropvolgende jaren. Een allergie aan koemelk kruist met andere dierlijke melksoorten dus ook geiten-, schapen- en paardenmelk kunnen niet.
KOEMELK HERKENNEN EN ETIKETTEN LEZEN
Alle producten die koemelk bevatten moeten uit de voeding verwijderd worden. De volgende producten zijn meestal makkelijk te herkennen:
Magere melk, halfvolle melk, volle melk, karnemelk, chocolademelk, …
Kaas, smeerkaas, smeltkaas, platte kaas, …
Yoghurt, kwark, pudding, yoghurtdrank, …
Roomboter, slagroom, koffieroom, room, koffie-melk, zure room, …
Roomijs, yoghurtijs, …
Zuivelfrisdranken, frisdranken op weibasis, …
…
Als een product koemelk bevat staat er één van de volgende toevoegingen op het etiket te lezen:
Melk, weipoeder, (magere of droge) melkbe-standdelen
Wrongel, wei, weipoeder en melkzout
Melkpoeder, magere melkpoeder, volle melkpoeder, melkderivaat
Caseïnaat, caseïne, melkeiwit, gehydrolyseerd melkeiwit
Margarine (behalve plantaardige), roomboter, boterconcentraat, boterolie, melkvet, melkzout
Lactose, melksuiker (bevatten vaak sporen koemelkeiwit, tenzij het extra geraffineerd is)
Lactalbumine, beta-lactoglobuline, lactope-roxidase, lactoval, recaldent, transglutaminase nisine (E234)
Broodverbetermiddelen kunnen koemelk be-vatten
Opgelet! De namen melkzuur, lactaat, cacaoboter en kokosmelk kunnen verwarrend zijn. Deze stoffen hebben niets met koemelk te maken.
De Europese wetgeving verplicht melk in de allergie-informatie te vermelden.
TIPS
Bij het gebruik van hypo-allergene voeding kan de ontlasting dunner en groen worden.
Zorg ervoor dat opa’s en oma’s, oppas, school, ouders van vriendjes, … goed geïnformeerd zijn over het dieet van je kind.
Geef op school of crèche je telefoonnummer en dat van je huisarts voor noodgevallen.
Zet op school of de crèche een trommeltje neer met lekkers dat je kind wel mag hebben als er getrakteerd wordt.
Hang een lijstje in de keuken waarop duidelijk staat wat je kind wel en niet mag hebben.
Bron: